dinsdag 21 januari 2014

Paradigm shifts

As the only thing here that's flatter than the Netherlands is the adjacent sea, my rock climbing adventures tend to happen abroad. In the past years I've met a lot of climbers there and made new friends. Many of them don't speak Dutch. Nevertheless some of them take an interest in my blog and videos. I've been contemplating a switch to English for a while now, afraid that people might accuse me of megalomania (really, I'm not that good to consider myself a climber of international interest...) or that Dutch readers get put off. But it occurred to me that I don't give a rat's arse about the former and have enough faith in the familiarity with the English language of my Dutch readers. And so it happens that you're reading my first post in English. Matt, you can stop deciphering the cryptic results of Google Translate now.

I have two climbing related new year's resolutions: to get out and climb real rock as much as possible and to build my own small training wall at home: a 'woody'. Surprisingly, my amazing Michelle made no objections to the latter (still waiting for the catch...). So in the first week of the year I've concocted a plan to convert the 42 degree overhanging wall in our attic to a climbing wall. Instead of starting the construction though, I've made good use of the dry weather in the weekend and drove to Avalonia again for a bouldering session, this time with Matt and Vienna. It amazed me to see how crowded the place has gotten during sunny weekend days. Of course Daniel and quite a few regulars were around, but that didn't add up to the approximately 40 people we met. It was good fun though, seeing many familiar faces from both Germany and the Netherlands. Ignoring the occasional kid that couldn't leave home without bringing a radio to brutalize the tranquility of nature (or am I just getting old?), the atmosphere was good and friendly. Olli came down all the way from the Ith, there even were some friends from Enschede and then there was Martin, who just got back from half a year of climbing in Spain. He had just made quick work of an unclimbed, open project in the Katla Cave. Strong man! We sampled almost every piece of rock in Avalonia, making quick attempts in many boulders, but ascending just a few. I was happy to do a low start to the nice 7A boulder 'Mesa Verde' though. It is called 'Invasion der Steinmänner' and weighs in at 7B. It all comes down to a very wide shoulder move which involves pulling very hard from a heel hook. These are two things I'm quite good at, so the boulder went down rapidly.

In the week after, I did start the construction of my woody, fueled by some new motivation for training by the freshly delivered book 'Gimme Kraft'. With the help and experience from Herman - who recently built himself an entire boulder gym - it went faster than I could have imagined. All that's left now is collecting an interesting set of climbing holds, which turns out to be a pricely affair... But with a small set of fingery holds to start with and a pair of gymnastic rings suspended from the top of the wall, I can finally start doing some regular power training at home. I hope it lives up to the expectation and will help me push my limits further!

Attic 2.0

zaterdag 4 januari 2014

Rust roest niet!

Soms gaan dingen sneller dan je verwacht. In het vorige bericht stelde ik mij het doel om in dit boulderseizoen 7C te boulderen. Gisteren deed ik het al...

Samen met Erik en Vienna benut ik de laatste vrije vakantiedag voor de eerste bouldersessie van 2014, in Avalonia. De weersvoorspellingen zijn wankel, maar we vertrouwen erop dat de stevige wind de daken droog zal houden. Ons rotsvaste vertrouwen wordt beloond met zonneschijn bij aankomst. Bij de Katla Cave is Daniel Pohl al druk bezig het terras onder de boulders uit te breiden en een beschutte vuurplaats aan te leggen. In het dak hangt Arthur, een sterk Duits jeugdtalent, vechtend met de bewegingen van de boulder die ik vandaag hoop uit te werken: 'Schattenläufer'. Het blijkt de derde dag (op een rij) te zijn waarin hij probeert de boulder te bedwingen, tot nu toe zonder succes. Ik schaal mijn verwachtingen direct wat verder naar beneden.

Schattenläufer werd afgelopen voorjaar door Jonas Winter geopend als een 7C+. Nadien is een greep in het dak wat beter geworden, waardoor de waardering door herhalers is bijgesteld naar 7C. De moeilijkheid van bewegingen zit vooral in de fysieke aard ervan. De grepen zitten ver uit elkaar en er is veel lichaamsspanning en compressiekracht nodig om ze vast te houden. Na wat opwarmen probeer ik de individuele passen te maken. Al snel kan ik ze allemaal: na diverse andere boulders in het dak van de Katla Cave geklommen te hebben, begin ik de krachtige stijl aardig door te krijgen en heb ik de juiste voetplaatsingen en -verklemmingen snel gevonden.  Serieuze pogingen trekken dan maar... In de tussentijd valt Arthur nog een aantal maal en nemen zowel zijn vermoeidheid als frustratie flink toe. Vienna snapt maar weinig van zijn wanhoopskreten en loopt er naartoe om te vragen wat er aan de hand is. Mijn eerste poging gaat goed. Twee zware passen lukken, maar dan zet ik niet hard genoeg aan en haal ik de volgende greep niet. Ik neem een korte rust en probeer het nog eens. Dit keer vang ik de greep wel. Even komen mijn voeten los, maar ik weet mijn positie snel te herstellen. Een vlaag van optimisme overwelmt me dan: plotseling weet ik zeker dat deze poging gaat lukken. Ik voel me sterk, ik voel geen vermoeidheid en geen pijn meer. Resoluut klim ik door en voor ik het zelf besef bereik ik aangemoedigd door Daniel de eindgreep.

Binnen een kwartier heb ik het doel gerealiseerd waar ik een lange, zware strijd voor verwachtte. Het ging zo makkelijk, dat het bijna als een anticlimax voelt. Maar als Erik na wat proberen bevestigt dat de bewegingen erg moeilijk zijn, Arthur na nog een aantal pogingen de strijd voor vandaag op moet geven en ik op bijna elke pas val als ik de boulder wil herhalen voor een video, begin ik er ook in te geloven: ik heb weer een doel gehaald! Het zet me aan het denken: na drie maanden amper klimmen, flash ik tijdens mijn eerste rotsbezoek voor het eerst 7A+ en boulder ik een paar dagen later mijn eerste 7C. Kennelijk kan je van een rustperiode op het juiste moment ook sterker worden. Maar wanneer dat juiste moment is...

donderdag 2 januari 2014

Reboot

Eind september ging het mis: een week in Rome met 5 gymnasium kostte me veel slaap en minder dan een week erna was de overdracht van het huis dat Michelle en ik voor ons samen hebben gekocht. En hoe hard ik ook geroepen heb dat ik voor klussen geen tijd zou hebben: ruim een maand heb ik elke minuut waarin ik niet voor school werkte in het huis staan klussen. Overdag werken, 's avonds klussen, 's nacht lessen voorbereiden en nakijken was wekenlang de routine. Voor slapen was amper plek, laat staan voor klimmen. Midden november verhuisden we en een week van chaos, uitpakken en inrichten volgde, wederom zonder klimmen. Het heeft me nog eens vier weken gekost om de energie te vinden om weer enigszins consequent te gaan trainen.

Maar op 30 december stonden de sterren eindelijk weer goed: ik had tijd, een auto en na dagen van druilerig herfstweer scheen eindelijk de zon. Zonder al teveel verwachtingen ben ik naar het Ruhrtal gereden. Na drie en een halve maand zonder rots ben ik met alles tevreden. Het resultaat viel niet tegen: ik kon nog drie zevens boulderen en volledig onverwacht kon ik op deze voorlaatste dag van het jaar nog een doel verzilveren: 7A+ flash! Ik had een filmpje van de gedefinieerde boulder 'Korridor' gezien in de database van Stonevibes: vier pure powerbewegingen door een dak, flink op de schouders en dus helemaal mijn stijl. De flash voelde dan ook vrij eenvoudig. Direct ernaast heb ik een eveneens gedefinieerde, vergelijkbare boulder geopend. Tussen twee evenwijdige breuklijnen blijvend gaat hij met drie enorme bewegingen door het dak. Vanwege de dynamische aard van de passen en de enigszins op rails lijkende breuklijnen heb ik de boulder 'Railgun' genoemd. De moeilijkheid is denk ik hetzelfde als die van Korridor. Ik hang er een 7A suggestie aan voor alle aspirant herhalers!

Heel even heb ik nog de passen van de door Nick geopende boulder 'Zoete Mosterd' 7B+/7C geprobeerd, maar een zware kruispas lukte me nog niet. Het is natuurlijk ook wat optimistisch om na maanden amper geklommen te hebben direct weer op mijn 'oude' maximum te willen presteren... Desalniettemin wil ik de komende maanden weer wagen aan boulders op de grens van mijn kunnen. Werken aan de maximaalkracht is een mooi doel voor de komende tijd. Tegen het voorjaar moet er ook weer wat aandacht naar duur gaan: ik heb nog een 8a (route) project te voltooien!



Ondanks de dip van de afgelopen maanden en het niet voltooien van het 8a project, mag ik niet ontevreden terugblikken op het afgelopen jaar. Ik klom 25 routes door de hele zevende graad, met als hoogtepunt de flash beklimming van 'Geheime Blitzaktion' 7b+. Het boulderen ging dit jaar nog beter: ik klom 37 zevendegraads boulders. Het jaar ervoor waren dat er elf. 7B en 7B+ boulderde ik voor het eerst, net als 7A en 7A+ flash. Het meest trots ben ik op de beklimming van 'Drachenrachen' (hier het filmpje dat ik ervan maakte), die voor mij vele malen moeilijker voelde dan alle andere. Komend jaar wil ik de grens weer verder duwen. 7C boulderen lijkt haalbaar en ik hoop in het voorjaar fit terug te keren naar mijn 8a project in de Vogezen. Genoeg te doen!

Ik streef ernaar er weer uitgebreid over te schrijven en regelmatig een filmpje te maken. Ik blijk meer volgers te hebben dan ik ooit had verwacht! Op het moment van dit schrijven is deze blog nog 2 pageviews van de 5000 verwijderd en zijn mijn filmpjes al 3646 keer bekeken. Bedankt! Ik ga er natuurlijk mee door. Ik wens iedereen een sportief 2014!

woensdag 18 september 2013

Dichter bij 8a...

Wat een hectiek, zo'n nieuwe baan en wat vliegt de tijd! Weken vlogen voorbij zonder dat ik hier geschreven heb. En dat terwijl er zeker weer wat te vertellen is. Voor het einde van de vakantie heb ik een lang weekend met Frans in de Vogezen (Frankrijk) doorgebracht. Het heuvelachtige natuurpark ligt vol met kleine, rode zandsteen rotsen. Omdat ze overwegend overhangend zijn en niet bijzonder rijk voorzien van structuur, is de concentratie moeilijke routes er opvallend hoog. Het zandsteen bleek erg grof te zijn, een aanslag op de huid. Al na een dag had ik roze vingertoppen en zat ik op het laatste laagje vel. Regelmatig lopen er conglomeraatbanden door de rotsen: een soort cementlagen stampensvol met kiezels van allerlei maten. Wolgang Güllich omschreef het ooit als 'senkrechten Kartoffelacker' (het ging in dit geval om het vergelijkbare Nideggen). Kort samengevat ben ik er geen fan van. Bij warm weer (en dat was het...) verliezen de kiezels al hun wrijving en als ik - met de voeten staand op twee gladde kiezels, met de handen knijpend in twee andere - me continu afvraag welke van de contactpunten het eerste onverwacht los zal schieten, klim ik niet fijn.

Maar de Grotte du Brotsch - een parel van de Vogezen - was min of meer vrij van kiezels en overtrof alle verwachtingen: groots, rood, steil, spectaculair en prachtig gelegen in de bossen. Ik was vanaf het eerste moment betoverd. Door de grot lopen drie routes met de magische 8a waardering. Twee ervan staan te boek als soft voor de graad. Ik hoefde niet lang te kijken om te zien welke me beter zou liggen: 'Traité de déversification' heeft de moeilijkste meters aan het begin zitten, met relatief goede grepen en vooral grote, atletische power-bewegingen. Nog nooit eerder ben ik in een 8a gestapt en ik wist niet goed wat ik kon verwachten. Ook een softe 8a is een 8a en daarmee flink moeilijker dan de gemiddelde 7c+, laat staan 7c (mijn moeilijkste tot nu toe)... Dat ik aan het einde van de eerste dag alle bewegingen heb kunnen maken, was dan ook een verrassing! Plotseling beschouwde ik de route als mogelijk en werd 8a een concreet, haalbaar doel. Het leek altijd mijlenver weg, maar was nu opeens tastbaar dichtbij...

Op dag twee lukte het me om de route in twee stukken te klimmen, met een rust voor de crux. Het is een ongeschreven, maar welbekende klimwet: een route klimmen met een enkele block is de onbetwiste voorbode van succes. Of dat nog twee of tweehonderd pogingen kost, wordt helaas niet voorspeld. Het is daarom de doorbraak in de mentaal zwaarste fase van een project: de redpoint-druk sluipt erin. Door het gevoel de route te kunnen klimmen ligt frustratie op de loer en het idee van naderend succes schept verwachtingen en spanning die de voor succes benodigde flow blokkeren. Ik ben normaal vrij gevoelig voor dit mentale spelletje en raak vlot gefrustreerd. Gek genoeg gebeurde dat met deze route niet. Op dag drie boekte ik minimale vooruitgang: ik kon de zware clip voor de crux en de crux zelf achter elkaar uitvoeren. Toch was ik weer tevreden en gemotiveerd voor de volgende dag. Op dag vier lukte het om door te klimmen tot halverwege de crux. Nog twee bewegingen tot makkelijker terrein!

Dag vijf was de laatste dag. Tot dan toe heb ik elke dag zo'n drie pogingen in Traité de déversification gedaan en daarnaast andere, makkelijkere routes geklommen. Op de laatste dag regende het pijpestelen.  Het was zo erg, dat Frans om 9 uur naast de tent stond - 2 uur eerder dan normaal - en we met benzinebrander, koffiekan en al van de camping gevlucht zijn om in de Grotte du Brotsch te ontbijten. Geen optimale condities om mijn moeilijkste beklimming ooit te doen... Toch leek het onder de overhangen redelijk droog. Om op te warmen klommen we 'Heliotrope', een boulderachtige 7b waar ik een paar dagen eerder uitgejaagd werd door een ontstemde vleermuis. Een dag terug hingen we hem opnieuw uit en was de vleermuis verhuisd, maar lukte de route nog niet. Nu wel, ondanks de regen. Dat bood hoop en ik besloot nog een keer vol gas te geven in Traité de déversification. Het fysieke begin - ongeveer 6C boulder - gaat soepel, de zware clip voor de crux lukte snel en ik voelde nog energie voor de crux zelf (ongeveer 7A/7A+ boulder). De eerste grote pas lukte, de vier voetverplaatsingen erna ook. Maar toen ik daarna de heftige afblokpas moest maken, voelde ik mezelf door de spieren in mijn schouder heenzakken, alsof ze een schok van prikkeldraad kregen. Het scherpe was er na vier dagen klimmen af en de maximaalkracht die ik hier nog op moest hoesten, was op. Eigenwijs probeerde ik het een uur later nog een keer, maar strandde weer op dezelfde pas. Er zat niets anders op dan de setjes uit de route halen: we moesten weer naar huis.

Hoewel ik de route niet geklommen heb, was het proberen van Traité de déversification een grote mentale stap. Nooit eerder kwam het in me op om 8a te proberen. Veel te moeilijk, een lange-termijn doel. Nu heb ik het geprobeerd, heb ik gevoeld dat het haalbaar was en ben ik gaan geloven in de mogelijkheid om de route binnen korte tijd uit te gaan klimmen. Dat het niet gebeurd is, maakt niet uit. Hoe dichtbij ik ben gekomen, overtreft al mijn verwachtingen al. De volgende keer dat ik erheen zal gaan - en dat gaat gebeuren, de gedachte laat me niet meer los - zal dat anders zijn. Ik weet dan dat ik de route moet kunnen klimmen en zal dan van mezelf verwachten dat ik het doe. Of ik mijzelf daarmee blokkeer, of juist door het magische 8a-plafond heen duw, zal de tijd leren...